Ouders weten te weinig van gebitsverzorging kinderen

Gaatjes voorkomen bij je kinderen is minder moeilijk dan het lijkt. Zolang je je als ouder aan een paar basisregels houdt. Die zijn nog lang niet bij iedereen bekend, zo blijk uit een enquête van de KNMT, de beroepsvereniging van tandartsen.

Dat je na het doorbreken van het eerste tandje al met poetsen moet beginnen, dat weten de meeste van de ruim 1.800 deelnemers aan de enquête wel. En dan langzaam opbouwen tot 2 keer 2 minuten per dag. Na het poetsen geen fris of vruchtensap meer laten drinken, maar alleen nog water – ook dat is heel veel ouders bekend.

Over het maximum aantal eet- en drinkmomenten op een dag voor een gezond gebit bestaat nog wel wat verwarring. Bijna de helft van de ouders weet dat het er niet meer dan 7 mogen zijn. Dat betekent dus naast de 3 maaltijden ontbijt, lunch en avondeten niet meer dan 4 keer een tussendoortje. Alleen dan kan speeksel de zuren die tanden aantasten steeds weer op tijd neutraliseren, zodat er geen gaatjes ontstaan.

Ook weet slechts 36 procent van de respondenten dat het belangrijk is om vanaf het doorbreken van het eerste tandje je kindje al mee te nemen naar de tandarts. De tandarts, mondhygiënist of preventieassistent kan ouders dan tips geven hoe ze het beste de tandjes van hun kind kunnen poetsen – iets wat niet altijd gemakkelijk gevonden wordt. En vaders en moeders voorlichten over het effect van eten en (fruit)sapjes op de ontwikkeling van bijvoorbeeld gaatjes.

De peiling van de KNMT is onderdeel van de campagne ‘Een gezonde mond is kinderspel!’, waarmee de beroepsvereniging van tandartsen wil bijdragen aan het laten opgroeien van een mondgezonde generatie. Nu hebben meer dan 2 op de 3 kinderen in Nederland vóór hun 18e verjaardag nog minstens 1 gaatje in hun gebit.  

Met de publieksactie, die wordt ondersteund door de Nederlandse Vereniging voor Kindertandheelkunde, willen tandartsen ouders erop wijzen dat dit niet nodig is. Want wie goed voor zijn gebit zorgt en regelmatig voor controle naar de tandarts gaat, hoeft helemaal geen gaatjes te krijgen.

Centraal in de campagne staan de 6 basisregels voor gezonde tanden en kiezen. Mondzorgverleners geven bekendheid aan deze regels via hun wachtkamer en online. Ook jeugdartsen en voedselbanken werken mee aan de campagne.

In de week voorafgaande aan Wereld Mondgezondheidsdag (20 maart) is de boodschap ‘Een gezond gebit is kinderspel!’ ook te zien op digitale reclamezuilen langs 15 snelwegen, onder meer de A1, A5, A12, A15, A28 en A59.

Een derde van de mensen met zeldzame kanker krijgt niet direct juiste diagnose

Voordat de juiste diagnose gesteld wordt, krijgt een derde van de mensen met een zeldzame vorm van kanker eerst een of meerdere verkeerde diagnoses te horen. Vier op de tien van deze patiënten heeft een behandeling, therapie of medicatie voor die onjuiste diagnose(s) gehad.

Dit blijkt uit onderzoek van de Nederlandse Federatie van Kankerpatiëntenorganisaties (NFK) onder 2027 mensen die een zeldzame vorm van kanker hebben (gehad). Volgens de kankerpatiëntenorganisaties zou vertraging in het stellen van de juiste diagnose mogelijk een van de verklaringen kunnen zijn waarom mensen met een zeldzame vorm van kanker gemiddeld een 15% slechtere overlevingskans hebben dan mensen met een veelvoorkomende vorm van kanker (bron: IKNL, 2018).

Tijdens de ‘Week van de Zeldzame Kankers’ roept de federatie daarom samen met KWF op om mensen met zeldzame vormen van kanker te laten onderzoeken en behandelen in (nog aan te wijzen) gespecialiseerde centra, bij voorkeur in Universitair Medische Centra (UMC’s). Bij sommige zeldzame kankers, zoals sarcomen en hoofdhalskanker zijn daar al landelijke afspraken over gemaakt. Voor bloed- of lymfeklierkanker is afgesproken dat elke patiënt met een gespecialiseerd centrum wordt besproken. Deze peiling laat zien dat 51% van de mensen met zeldzame kanker in een UMC wordt behandeld. NFK vraagt zich af of alle mensen met zeldzame kanker wel gespecialiseerde zorg krijgen.

Jaarlijks krijgen ongeveer 20.000 mensen een zeldzame vorm van kanker. Nederland telt 130.000 mensen met een zeldzame kanker zoals anuskanker, galwegkanker, vulvakanker, schildklierkanker en hersentumor. Uit de online peiling blijkt dat de meeste mensen met een zeldzame kanker met hun klachten naar de huisarts gingen. De helft van hen werd binnen twee weken naar het ziekenhuis verwezen, maar bij bijna een kwart duurde dit drie maanden of langer, bij een op de tien meer dan een jaar.

Voor bijna een derde van de respondenten geldt dat er meer dan vier weken tussen het eerste gesprek met de arts in het ziekenhuis en het horen van de diagnose zeldzame kanker zat. De geldende beroepsnorm van SONCOS schrijft voor dat een diagnose in principe binnen drie weken na het eerste polibezoek gesteld moet worden. Bij verwijzing naar een ander ziekenhuis geldt voor dit ziekenhuis de norm opnieuw. 8% van de mensen met zeldzame kanker geeft aan dat het een half jaar of langer duurde voordat de diagnose werd gesteld, na het eerste gesprek met een arts in het ziekenhuis.

Bij twee derde van de respondenten was de eerste diagnose meteen de juiste. Bijna een vijfde kreeg echter één verkeerde diagnose, en een op de acht meerdere verkeerde diagnoses. Van de mensen met een of meerdere verkeerde diagnoses kreeg vier op de tien hier ook een behandeling voor.

Volgens NFK is de late of verkeerde diagnose voor een progressieve ziekte als kanker zorgelijk. Het is van groot belang om kanker in een zo vroeg mogelijk stadium te signaleren. Dit om uitbreiding van de ziekte voor te zijn en zo de kansen op een succesvolle behandeling te vergroten. ,,Het is begrijpelijk dat de huisarts niet meteen bij iedere klacht aan kanker denkt. Maar als de klachten voortduren dan is het belangrijk dat er ook aan de mogelijkheid van een zeldzame kanker wordt gedacht. Wij vragen huisartsen dan ook om vooral niet te lang te wachten met verwijzen naar het ziekenhuis voor vervolgonderzoek”, zegt directeur-bestuurder van Arja Broenland van NFK.

Een zeldzame kanker is vaak moeilijker te diagnosticeren dan een niet-zeldzame vorm. Broenland: “Daarom is het van belang om tijdig te verwijzen naar gespecialiseerde centra. Geen of een foutieve diagnose geeft mensen veel zorgen en onzekerheid. Daarnaast is behandeling van een onjuiste diagnose ineffectief en kan het bijwerkingen geven. Ook kan de kanker zich in de tussentijd zonder effectieve behandeling verder uitbreiden.” Om het onderzoek naar en diagnostiek en behandeling van zeldzame vormen van kanker te optimaliseren bespreekt NFK de resultaten van de peiling met het Dutch Rare Cancer Platform (DRCP), een landelijke multidisciplinaire groep van experts zeldzame kankers.

Om mensen met een zeldzame kanker te ondersteunen heeft NFK in 2019 het Patiëntenplatform Zeldzame Kankers (zeldzamekankers.nl) opgericht. In de Week van de Zeldzame Kankers bundelen NFK en KWF hun krachten om meer aandacht te vragen voor het platform en de noodzaak van meer kennis en aandacht voor goede diagnostiek. Johan van de Gronden, directeur van KWF: ,,Ik wil dat het overlevingspercentage voor mensen met een zeldzame vorm van kanker omhoog gaat. Het mag niet uitmaken welke soort kanker je krijgt, een zeldzame vorm of een vorm die vaak voorkomt. Met gespecialiseerde centra kunnen we daar echt een belangrijke bijdrage aan leveren.”

Van 8 t/m 14 maart zal onder meer iedere dag een patiënt zijn of haar ervaringsverhaal delen op zeldzamekankers.nl. Vanaf 22 maart start KWF met een vervolgcampagne om landelijk meer aandacht voor zeldzame kankers te vragen.

Hart- en vaatpatiënten hebben vragen over wisselwerking corona vaccin en hun aandoening

Uit onderzoek van Harteraad, het expertisecentrum voor het leven met hart- en vaataandoeningen, blijkt dat een deel van de mensen twijfelt over het vaccineren tegen het coronavirus. Er is nog onvoldoende duidelijkheid over de risico’s en bijwerkingen van coronavaccins op hart- en vaataandoeningen. Ook hebben mensen vragen over de wisselwerking tussen het vaccin en hun medicatie, zoals bloedverdunners. Terwijl juist nu behoefte is aan duidelijke en betrouwbare informatie met betrekking tot het vaccineren.

Het merendeel van de deelnemers die meededen aan het onderzoek (80%) (n=1271) wil zich laten vaccineren tegen het coronavirus. De redenen om wel een vaccin te nemen zijn: geen risico lopen met hart- of aandoening (68%), het verminderen van het risico om ziek te worden door het coronavirus (66%) en bijdragen aan het tegengaan van de coronapandemie (66%). 16% van de deelnemers die meededen aan het onderzoek heeft twijfels over het laten vaccineren tegen het coronavirus. Er zijn vragen over de risico’s van vaccineren bij bepaalde hart- en vaataandoeningen. Daarnaast  zijn er vragen over de wisselwerking van de nieuwe vaccins met bepaalde medicatie. 4% geeft aan zich helemaal niet te willen laten vaccineren, omdat zij de meerwaarde niet zien of principieel tegen vaccineren zijn. Een groot gedeelte van de deelnemers (68%) wil graag geïnformeerd worden door de huisarts of specialist over het halen van de vaccinatie.

Een ruime meerderheid (80%) van de mensen met hart- en vaataandoeningen  wil zich laten vaccineren tegen het coronavirus. Harteraad ziet dat er behoefte is aan ondersteuning bij het maken van een goed geïnformeerde keuze. Harteraad roept zorgverleners en mensen met hart- en vaataandoeningen op met elkaar in gesprek te blijven over vragen en twijfels omtrent vaccineren.  

Analyse Landelijke Database Fysiotherapie: ‘Geen grote toename nek- en schouderklachten’

In weerwil tot wat velen denken en waarover ook in de media talloze berichten zijn verschenen, blijkt uit een voorlopige analyse van gegevens uit de Landelijke Database Fysiotherapie, verricht door Mediquest en het Koninklijk Nederlands Genootschap voor Fysiotherapie, dat er in 2020 geen significante toename van het aantal nek- en schouderklachten bij fysiotherapiepraktijken is waar te nemen (t.o.v. dezelfde periode in 2019).

Doordat veel mensen als gevolg van de pandemie nu al langere tijd thuis werken, lijkt het logisch te veronderstellen dat het aantal nek- en schouderklachten zal toenemen. Immers, in de thuissituatie beschikken werknemers lang niet altijd over goed werkmeubilair en komen ze minder achter hun werkplek vandaan zoals dat in een kantooromgeving wel vaak gebeurt. Een verkeerde werkhouding en te weinig tussendoor bewegen vormen hét recept voor klachten aan nek, schouder en rug.

Uit een voorlopige analyse van de gegevens in de Landelijke Database Fysiotherapie (LDF) is nu echter gebleken dat er geen sprake is van een grote toename van dit soort klachten voor zover het behandelingen in fysiotherapiepraktijken betreft. De analyse is gebaseerd op de gegevens van ruim 500.000 patiënten die in beide jaren behandeld zijn voor nek- en/of schouderklachten. Uit deze gegevens blijkt -gemeten over de periode april t/m december 2020- een verwaarloosbare toename van nek- en/of schouderklachten ten opzichte van dezelfde periode in 2019. In 2019 en 2020 hebben gemiddeld 1800 fysiotherapiepraktijken behandelgegevens van hun patiënten geanonimiseerd geregistreerd in de LDF. De Landelijke Database Fysiotherapie geeft daarmee een betrouwbaar beeld van soorten en aantallen behandelingen die fysiotherapeuten verrichten. Later dit jaar verschijnt het definitieve LDF-jaarverslag, waarin het KNGF rapporteert over 2020.

KNGF-bestuurslid Brechtus Engelsma over de uitkomst: Deze uitkomsten bieden geen onomstotelijk bewijs dat er geen sprake kan zijn van een toename, zoals gemeld in de media, maar op basis van de registratie van het KNGF blijkt de stijging niet. Een mogelijke verklaring is dat hoewel meer mensen thuiswerken, een groot aantal mensen zoals bijvoorbeeld in de horeca, op dit moment niet werkt. De toename van klachten bij de eerste groep zou dus kunnen wegvallen tegen een afname van de klachten bij de tweede groep. Ik blijf er ondanks dat voor waarschuwen dat deze klachten zich wel degelijk kunnen voordoen als gevolg van een verkeerde houding en te weinig bewegen. In individuele gevallen kan dat echt ingrijpende gevolgen hebben. Bedenk daarbij dat dit een landelijk beeld is. Het aantal klachten per fysiotherapiepraktijk kan dus heel erg verschillen. Daarbij hou ik wel een slag om de arm; het kan heel goed zijn dat veel mensen met deze klachten zich niet melden bij de fysiotherapeut uit angst voor besmetting en hopen dat de klacht vanzelf over gaat. Ik raad hen aan om wél te gaan. Fysiotherapeuten werken volgens strenge veiligheidsprotocollen en dus is een behandeling in de praktijk veilig.’

Meer mannen maken eigen keuze over opsporen en behandelen van prostaatkanker

Het Andros prostaatkankercentrum loopt al jaren voorop met precisiediagnostiek van prostaatkanker. Het preciezer, veiliger en patiëntvriendelijker opsporen van prostaatkanker. Om zowel onderdiagnose als overbehandeling te voorkomen. In Baarn breidt Andros uit met haar prostaatkankercentrum. Daar worden nu centraal alle complexe onderzoeken verricht voor deze precisiediagnostiek.

Zelfstandig prostaatkankercentrum
In 2015 werd het eerste zelfstandige prostaatkankercentrum in Nederland opgericht door Andros. Een centrum dat zich volledig richt op prostaatkanker, verzekerde zorg levert en los staat van ziekenhuizen. ‘Ik zag destijds dat er zoveel meer mogelijk was dan de standaard diagnostiek in Nederland. In dit centrum hebben we meerdere innovaties bijeen kunnen brengen om precisiediagnostiek te creëren.’ aldus professor Debruyne, oprichter van Andros. Al meer dan 5000 mannen kozen voor deze precisiediagnostiek. Inmiddels wordt bijna 8% van de agressieve prostaatkankers in Nederland bij Andros ontdekt.

Hoogwaardige scans en beoordelingen
Voor precisiediagnostiek zijn hoogwaardige MRI beelden nodig en een excellente beoordeling van de beelden door experts. Voor het maken van de 3 Tesla MRI prostaatscans is Andros een samenwerking aangegaan met Prescan, die de afgelopen jaren steeds meer gerichte MRI scans voor de reguliere zorg verzorgt. De MRI scans voor Andros worden beoordeeld door prof.dr. Jelle Barentsz en zijn team van het Prostaat MRI Referentie Centrum van het Radboudumc. Zij zorgen ook voor de kwaliteitsbewaking van de MRI-beelden en de wetenschappelijke validatie van de precisiediagnostiek.

Fusie biopsie
Alleen als de MRI scan verdachte plekken toont die wijzen op een mogelijke agressieve prostaatkanker is nader onderzoek nodig. In Baarn gaat dat via een fusie biopsie, een trefzekere en veilige methode om te biopteren. Tijdens een fusie biopsie worden de MRI beelden gefuseerd met ‘live’ echobeelden om gericht weefsel af te nemen. Dit gebeurt onder lokale verdoving en het weefselprikken gaat via de huid waardoor infectiegevaar praktisch afwezig is.

Klinieken door heel Nederland
Bij een verdenking van prostaatkanker kunnen mannen terecht bij de urologische klinieken van Andros die door heel Nederland gevestigd zijn. De uroloog onderzoekt of precisiediagnostiek noodzakelijk is en is in het verdere traject het vaste aanspreekpunt voor de cliënt. Hij bespreekt de uitslagen van de onderzoeken met de cliënt en indien nodig de behandelingsmogelijkheden uitgaande van ‘de juiste behandeling op het juiste moment’. De MRI kan ook worden ingezet bij active surveillance, dat wil zeggen dat er niet of niet direct wordt ingegrepen bij prostaatkanker maar de tumor nauwlettend in de gaten wordt gehouden.

‘Mannen bij wie prostaatkanker wordt ontdekt ervaren meestal (nog) geen klachten. Zij voelen zich niet ziek maar moeten opeens wel ingrijpende beslissingen nemen. Onze artsen zijn zeer ervaren en nemen veel tijd voor uitleg en overleg, en dat is juist zo belangrijk bij de diagnose van prostaatkanker en het komen tot de juiste behandelwijze’ vertelt dr. Paul Kil, medisch directeur van Andros.

Nieuwe ontwikkelingen sneller doorvoeren
Eerder is gebleken dat Andros in haar gespecialiseerde urologische klinieken snel nieuwe ontwikkelingen kan doorvoeren. Ook het prostaatkankercentrum gaat door met het verder optimaliseren van de diagnostiek. Daarnaast worden toekomstige mogelijkheden bekeken zoals instant-pathologie op basis van artificiële intelligentie en nieuwe mogelijkheden voor focale therapie van prostaatkanker. Dit gebeurt door een team onder leiding van prof.dr. Frans Debruyne, dr. Paul Kil, prof.dr. Theo de Reijke, prof.dr. Jelle Barentsz en drs. Jos Immerzeel.

Zo kun je op de meest eenvoudige manier de zorgverzekeringen vergelijken

Dat je in de laatste periode van het jaar overspoeld wordt met commercials van zorgverzekeringen is niet voor niets. Dit is immers de periode dat je van zorgverzekering kunt overstappen. Of dit een goede keuze is, hangt af van je persoonlijke situatie. Waar geen enkele twijfel over bestaat, is dat het erg raadzaam is om het aanbod van zorgverzekeringen te vergelijken. Het lijkt veel werk om alle polissen van zorgverzekeraars te vergelijken maar in de praktijk kun je dit in slechts een paar eenvoudige stappen doen.

Waarom een vergelijking van zorgverzekeringen erg raadzaam is

De laatste maanden van het jaar en de maand januari van het nieuwe jaar wordt gezien als “overstapseizoen” op gebied van zorgverzekeringen. Deze titel staat niet op zichzelf. Het komt geregeld voor dat mensen besluiten om over te stappen van zorgverzekering. Dit heeft enerzijds te maken met veranderende wensen op dit gebied dus de zorgbehoefte maar komt anderzijds door het veranderende karakter van de verzekeringen zelf. Het is geen gegeven dat een zorgverzekering die het afgelopen jaar nog een volledige invulling bood in de zorgbehoefte ook voor het komende jaar nog de beste optie is. Tot slot speelt de prijsstelling van de verzekering een behoorlijke rol aangezien ook deze factor aan verandering onderhevig is. Je kunt er niet vanuit gaan dat de voordeligste verzekering prijstechnisch ook de meest interessante keuze blijft. Zorgverzekering vergelijken is dan ook erg raadzaam en loont letterlijk de moeite.

Waar let je op bij het vergelijken van zorgverzekeringen?

Er zijn een aantal zaken waar je op moet letten bij het vergelijken van zorgverzekeringen. De primaire doelstelling van het afsluiten van een zorgverzekering is uiteraard dat je zorgt voor een financiële dekking voor de zorg waarvan jij gebruik denkt te maken. Het eerste punt bij het vergelijken van zorgverzekeringen is dan ook welke medische zorg in de polis is opgenomen. Een ander belangrijk punt hierbij is de vrije zorgkeuze als je de wens hebt om zelf te kunnen kiezen bij welke zorginstelling je terecht wilt kunnen. Dit is immers niet bij iedere zorgverzekering vanzelfsprekend. Tot slot is het goed om te letten op de prijsstelling bij het vergelijken van de zorgverzekeringen. Op dit punt zijn er zeer veel verschillen tussen de aanbieders te onderscheiden. Wat je ook veel ziet, is dat een zorgverzekering een specifieke aanvullende verzekering tegen een zeer gunstige prijsstelling zal aanbieden maar vrij prijzig is met andere elementen uit een zorgverzekering.

Handigste manier om een keuze te maken voor een geschikte zorgverzekering

Zoals je terecht uit het bovenstaande kunt opmaken is dat het zeer lastig is om een overwogen keuze te maken voor een geschikte zorgverzekering. Er spelen immers zeer veel factoren een rol. De meest handige (en snelste) manier om dit te doen is door een onafhankelijke vergelijkingssite hiervoor te raadplegen. Dit soort sites zetten het aanbod in zorgverzekeringen op een overzichtelijke manier voor je op een rijtje. Op basis hiervan kun je op een snelle en eenvoudige manier een keuze maken en meteen je zorgverzekering afsluiten voor 2021. De commercials van de zorgverzekeringsmaatschappijen willen jou immers graag doen geloven dat zij de beste polis voor je hebben maar er is maar één persoon die hier echt wat over kan zeggen en dat ben jij.

Meerderheid senioren wil coronavaccin

Bijna driekwart van de senioren (68%) is van plan zich te laten vaccineren tegen het coronavirus, blijkt uit onderzoek opgezet door seniorenorganisatie KBO-PCOB. Marcel Sturkenboom, directeur van KBO-PCOB: “Dit onderzoek laat duidelijk zien dat ook senioren verder willen. We willen weer op pad, onze naasten zonder zorgen weer kunnen knuffelen.” Ongeveer een kwart (24%) twijfelt nog, slechts acht procent zegt nee. De belangrijkste reden om zich niet te laten vaccineren is uit angst voor bijwerkingen, maar ook omdat men zich nooit heeft laten vaccineren (ook niet tegen de griep).

Het vertrouwen in de instanties die bij het vaccin betrokken zijn, is groot. Ruim zestig procent vertrouwt de overheid (63%) en makers (62%) bij dit vaccin, slecht negen procent vertrouwt overheid en bedrijf niet.

Vaccinatiestappenplan
Maar er zijn ook vragen. Een derde van de senioren mist nog bepaalde informatie over het coronavaccin en de vaccinatie. Bijvoorbeeld informatie over de bijwerkingen (met name op de lange termijn), de procedure (waar en door wie wordt het vaccin gezet), de tijdsplanning, hoe de relatie is met specifieke gezondheidsproblemen zoals hart en obesitas. Maar er zijn ook vragen over de veiligheid en de werkingsduur van het vaccin. Sturkenboom: “Dus nogmaals onze oproep aan het kabinet: beloon het vertrouwen van al deze senioren en kom met een compleet vaccinatiestappenplan. Het schept duidelijkheid en rust.”

Chiropractoren slaan alarm: explosieve stijging rugklachten

Op 3 november -de Dag tegen Rugpijn- vraagt de Nederlandse Chiropractoren Associatie (NCA) aandacht voor de forse groei van het aantal mensen met rugklachten. In Nederland hebben ongeveer 2 miljoen mensen rug- en nekpijn. Chiropractoren behandelen deze klachten, die door thuiswerken steeds meer mensen treft.

NCA voorzitter Gitte Tønner, MSc: “We bewegen te weinig en we zitten vaak in een verkeerde houding. Lang niet iedereen heeft thuis een plek die ergonomisch is ingericht. Dit kan tot klachten leiden zoals rug-, nek- en hoofdpijn. Naast alle thuiswerkers is er natuurlijk ook de hele grote groep studenten die online les moeten volgen.  Dit alles leidt tot een stijging van lichamelijke klachten, zo blijkt uit een rondgang onder onze leden. Overigens: ook vakbond CNV heeft recent de resultaten van een enquête gepubliceerd die dit beeld bevestigen: van 2500 leden van de vakbond  die de enquête invulden, zegt 41 procent vaker last te hebben van schouder, nek of arm sinds zij thuiswerken. 45 procent zegt geen werkplek te hebben die aan Arbo-eisen voldoet.“

Chiropractoren zijn opgeleid om de rugproblemen op te lossen door effectieve behandelingen en professionele advisering, ook op het gebied van preventie. 

Gitte Tønner: “De meeste praktijken zitten bomvol en de chiropractoren draaien op volle toeren om de patiënten effectief en snel te helpen. Toch deze waarschuwing: wij weten dat het soms veel te lang duurt voor een patiënt met rugklachten zich bij ons in de praktijk meldt. Soms wel een jaar na de eerste klachten. Mensen moeten niet te lang blijven rondlopen met dit soort vervelende klachten. Wij kunnen rugklachten oplossen door advisering en effectieve behandelingen. Daarnaast adviseren wij de overheid veilig thuiswerken beter te reguleren.”

Nederlander bewuster van eigen gezondheid door coronapandemie

Het merendeel van de Nederlanders is bezig met een gezonde leefstijl. Echter, een begin maken met het verbeteren van de gezondheid is voor 21 procent moeilijk. Negatieve emoties als angst, schaamte of verdriet zijn voor twee op de vijf bepalend om hiermee te starten. Voor jongeren van 18 tot en met 24 jaar loopt dit percentage op naar 51 procent. Dit blijkt uit onderzoek van Motivaction in opdracht van Zilveren Kruis, onderdeel van Achmea, over hoe Nederlanders bezig zijn met hun gezondheid. De coronapandemie heeft grote invloed op de gezondheid. Zo geeft 36 procent van de Nederlanders aan zich door corona vermoeider en somberder te voelen. Bij de groep 18 tot en met 24-jarigen is dit zelfs 57 procent. Opvallend is dat sinds corona één op de drie Nederlanders bewuster bezig is met de eigen gezondheid.  

Bewuster van eigen gezondheid sinds corona 
Vier op de vijf Nederlanders geeft aan dat ze in het afgelopen jaar bezig zijn geweest met een gezonde leefstijl. Een beter voedingspatroon en meer beweging worden het meest genoemd. Meer kunnen genieten komt daar vlak achteraan. Voor vrouwen is slaap en ontspanning belangrijk, 42 procent geeft aan dat hun batterij aan het begin van de dag niet 100 procent is opgeladen versus 29 procent van de mannen. Voor 40 procent van de vrouwen is een start maken met de verbetering van het slaappatroon het moeilijkst. Met 22 procent hebben mannen daar minder last van. In het onderzoek valt op dat 32 procent van de Nederlanders bewuster bezig is met de eigen gezondheid sinds de coronapandemie en 40 procent aangeeft dat ze bewuster zijn van waar ze staan qua gezondheid.

Jongeren worstelen met gezonde leefstijl  
Het bezig zijn met een gezonde leefstijl blijkt voor 33 procent van de jongere respondenten van 18 tot en met 24 jaar erg moeilijk. Deze groep heeft het afgelopen jaar specifiek aandacht gegeven aan beweging, een beter voedingspatroon en het investeren in sociale contacten. 36 procent van de Nederlanders geeft aan zich door corona vermoeider en somberder te voelen, bij de groep 18 tot en met 24-jarigen is dit zelfs 57 procent. Ook geven jongeren zichzelf het laagste cijfer voor hun geestelijke gezondheid: een 7,1. Daar heeft de generatie van 65-plussers – met een 8,2 – veel minder last van.  

Werk in kleine stappen aan gezondheid
Negatieve emoties als angst, schaamte of verdriet blijken voor 40 procent van de Nederlanders belangrijke triggers. “Negatieve emoties zijn vaak nodig om daadwerkelijk van start te gaan met een gezonde leefstijl. Gelukkig maken negatieve gevoelens plaats voor positieve emoties als vreugde en liefde, als zij eenmaal bezig zijn met een gezonde leefstijl.” aldus prof. dr. Hanno Pijl, internist LUMC, hoogleraar aan de Universiteit Leiden en bestuurslid van het Nederlands Innovatiecentrum voor Leefstijlgeneeskunde. “Ben je bezig met het verbeteren van je leefstijl maar vind je het steeds lastig om vol te houden, hou de stappen klein om het behapbaar te maken. Loop een blokje om terwijl je belt met een vriend. Woon je in een flat, pak dan wat vaker de trap in plaats van de lift. Of probeer eens echt een half uur voor je naar bed gaat niet meer op je smartphone te kijken. Elk bescheiden resultaat is er eentje om trots op te zijn. Zo houd je het makkelijker vol”, vervolgt Pijl. 

Oppeppertjes tijdens coronapandemie voor mentale weerbaarheid
Afgelopen dinsdag zijn de coronamaatregelen aangescherpt. Ons leven wordt de komende weken verder beperkt op allerlei vlakken zoals minder sociale contacten, horeca die weer dicht gaat en geen sport in teamverband vanaf 18 jaar. “Natuurlijk hebben de aangescherpte maatregelen consequenties voor onze mentale en fysieke gezondheid. Nu waren we al vermoeider en somberder geworden sinds de start van corona. Juist in deze periode is het belangrijk om te werken aan die kleine stapjes, ook voor de mentale gezondheid. Want kleine successen die je behaalt zijn de oppeppertjes die we nu zo goed kunnen gebruiken. Het helpt je om positief én gezond te blijven”, zegt Pijl. 

Waardering eigen huis en woonomgeving door lockdown  
Maar liefst 78 procent is erg te spreken over de verbeteringen van hun woonomgeving. Dit draagt bij aan een gelukkiger en gezonder gevoel. “Een prettige woonomgeving heeft invloed op het ervaren van geluk en heeft hierdoor invloed op je gezondheid. Het belang van een plek waar je echt even kunt ontspannen en bijtanken is essentieel. Het afgelopen half jaar hebben veel Nederlanders klusjes in en om hun huis aangepakt. Denk aan een likje verf geven aan je schuurtje of het verfraaien van je tuin. Bovendien zijn veel Nederlanders door corona meer aangewezen op hun huis en eigen buurt. En zijn we dit massaal ook weer meer gaan waarderen. Dit zie je dan ook terug in de cijfers”, aldus Pijl.  

Alles telt mee voor gezondheid 
“Hoe gezonder je bent, hoe beter je je voelt. Dan heb je meer energie, beweeg je makkelijker en kun je meer aan. Maar, de lat wordt soms wel erg hoog gelegd. Strenge diëten, strakke beach-bodies of fitness apps zijn niet aan iedereen besteed. Gezondheid is meer dan niet ziek zijn. Genieten en gezelligheid zijn óók belangrijk. En dat is voor sommigen op dit moment niet makkelijk. Maar ook hoe je woont en of je groen in de buurt hebt waar je kunt ontspannen is belangrijk. Alles telt mee als het om gezondheid gaat. Omdat ieder mens anders is, heeft Zilveren Kruis een gezondheidscheck ontwikkeld waarmee je inzicht krijgt in het totaalplaatje van je gezondheid op het gebied van voeding, beweging, ontspanning, slaap, omgeving en relaties. Je krijgt advies over welke (kleine) stappen je kunt doen om aan je gezondheid te werken”, aldus Jan-Willem Evers, directeur bij Zilveren Kruis.  

Meer onderzoek nodig naar hart- en vaatziekten door zwangerschapsproblemen.

Onderzoek naar de risicofactoren voor hart- en vaataandoeningen heeft zich in het verleden vooral gericht op klassieke factoren waar zowel mannen en als vrouwen mee te maken kunnen hebben. Denk aan hoge bloeddruk, hoog cholesterol of diabetes. Er zijn echter belangrijke verschillen tussen mannen en vrouwen in het ontstaan van hart- en vaatziekten. 

In het wetenschappelijk onderzoek naar risicofactoren is er steeds meer aandacht voor sekse- en gender-gerelateerde factoren, oftewel biologische en sociaal-culturele factoren. Dat roept de vraag op welke van deze factoren door hart- en vaatpatiënten zelf worden gezien als prioriteit voor onderzoek. Harteraad en het Amsterdam UMC hebben hier samen onderzoek naar gedaan, en publiceerde de resultaten deze week in het ‘Netherlands Heart Journal’.

Uit de vragenlijst die is ingevuld door 980 mensen met een hart- of vaataandoening of een verhoogd risico daarop, wordt geconcludeerd dat vrouwen meer onderzoek willen naar complicaties tijdens of na de zwangerschap, het gebruik van de anticonceptiepil en het doormaken van een vroege overgang. Dat daar meer kennis over nodig is weet Annemieke uit eigen ervaring. Op 47 jarige leeftijd kreeg zij een beroerte die te laat werd herkend. Terugkijkend was de zwangerschapsvergiftiging die Annemieke bij de geboorte van haar 1e kind had, een aanwijzing dat ze een verhoogd risico op beroerte liep. Als deze informatie bij de artsen in het ziekenhuis bekend was geweest was de beroerte mogelijk eerder herkend en behandeld en waren haar beperkingen nu minder geweest. 

De risicofactoren die door mannen het hoogst werden geprioriteerd zijn depressie of depressieve gevoelens, migraine en het hebben van veel zorgtaken (bijv. verantwoordelijk zijn voor zorg over kinderen of ouders). De auteurs van het artikel willen wetenschappers en financiers van onderzoek aanmoedigen om in hun werk rekening te houden met de sekse- en gender gerelateerde risicofactoren waar volgens patiënten meer kennis over nodig is. Hiermee kunnen levensbedreigende situaties zoals die van Annemieke voorkomen worden.